Nieuws

Elke 24-uur het relevante nieuws

VWS beantwoordt vragen contracteer ruimte AWBZ 2013



VWS beantwoordt vragen over contracteerruimte AWBZ 2013

In bijgaand artikel vatten we de belangrijke punten samen en nemen we de volledige tekst op van de antwoorden van staatssecretaris Van Rijn (VWS) op vragen van de commissie voor Volksgezondheid, Welzijn en Sport van de Eerste Kamer over de contracteerruimte binnen de AWBZ in 2013.

In kort nieuwe belangrijke punten:

  1. De vergoeding van individueel aangepaste rolstoelen en hulpmiddelen is geoormerkt om de open eind financiering in te kaderen.
  2. Het zorgkantoor hoeft niet met alle intramurale instellingen in de regio een contract af te sluiten.
  3. Samen met de maatregel om de exploitatielasten van nieuwe capaciteit onder de contracteerruimte te brengen, maken zorgkantoren vooraf een integrale afweging welke zorg zij inkopen bij de zorginstellingen en hoeveel nieuwe capaciteit daarbij noodzakelijk is.
  4. Uitbreiding van nieuwe capaciteit in de lagere zorgzwaartecategorieën 1 en 2 wordt sterk beperkt
  5. Eigen bijdrage verandert niet door veranderingen in de contracteerplicht of de contracteerruimte
  6. + 20 miljoen euro voor de contractering van zelfstandige zorgverleners zonder personeel (zzp'ers)
  7. -/- 90 miljoen besparing te realiseren door efficiëntere inrichting vervoer van en naar dagbesteding
  8. Voor mensen die minder dan 10 uur begeleiding hebben of geen zorgbehoefte die een combinatie is van de functies Persoonlijke Verzorging, Verpleging en/of Begeleiding, wordt de pgb-mogelijkheid afgesloten. Daardoor verschuiven de AWBZ-beschikbare middelen in het budgettair kader zorg (BKZ), van het persoonsgebonden budget naar middelen voor extramurale zorg in natura

===========

VOLLEDIGE TEKST

Beantwoorden Kamervragen over contracteerruimte AWBZ 2013

woensdag, 14 november 2012 10:08

Antwoorden van staatssecretaris Van Rijn (VWS) op vragen van de commissie voor Volksgezondheid, Welzijn en Sport van de Eerste Kamer over de voorhangbrief 'Contracteerruimte AWBZ 2013’ van 3 oktober 2012

Hierbij zend ik u de antwoorden op de vragen van de commissie voor Volksgezondheid, Welzijn en Sport van uw Kamer van 30 oktober 2012 (kenmerk 151356.01u) over de voorhangbrief 'Contracteerruimte AWBZ 2013’ van 3 oktober 20121.  

Vraag 1. De leden van de commissie vragen op welke wijze de bovenbudgettaire vergoedingen zullen worden betrokken bij de contracteerruimte voor de AWBZ en wat hiervan het verwachte financieel effect is op zowel de overheid als op de instellingen.

In de brief van 3 oktober 2012 is uiteengezet dat de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa), naast de contracteerruimte, geoormerkte financiële ruimte dient te maken voor de kosten van individueel aangepaste rolstoelen en hulpmiddelen. Dit betekent dat de open eind financiering wordt ingekaderd, terwijl het recht op de voornoemde hulpmiddelen in 2013 blijft bestaan. Als er spanning tussen het beroep en het ingekaderde bedrag ontstaat, bezie ik dat alsdan in het licht van de stand van zaken in en naast de contracteerruimte.  

Vraag 2. De leden van de commissie informeren op welke berekening de verwachting - verwoord in de begroting 2013 – is gebaseerd dat hiermee de doelmatige besteding van middelen wordt vergroot en zouden deze berekening graag ontvangen.

De besteding van middelen zal doelmatiger worden door een verhoogd hergebruik van rolstoelen, onder invloed van een nog actievere rol van de zorgkantoren.

Aan deze verwachting ligt geen concreet onderzoek ten grondslag.

Vraag 3) Een volgende vraag heeft betrekking op de contracteerplicht en het onder de contracteerruimte brengen van de uitbreiding van intramurale capaciteit. De leden van de commissie krijgen graag inzicht in het effect dat dit heeft gehad op de doelmatige besteding van middelen.

Door het afschaffen van de contracteerplicht per 2012 hoeft het zorgkantoor niet met alle intramurale instellingen in de regio een contract af te sluiten. Gevoegd bij de maatregel om de exploitatielasten van nieuwe capaciteit onder de contracteerruimte te brengen, maken zorgkantoren vooraf een integrale afweging welke zorg zij inkopen bij de meest doelmatige zorginstellingen (prijs/kwaliteit verhouding) en hoeveel nieuwe capaciteit daarbij noodzakelijk is. Hierdoor kunnen de kosten beter in de hand worden gehouden. In de oude situatie werden de exploitatielasten van nieuwe capaciteit achteraf vergoed buiten de contracteerruimte, waardoor een prikkel ontbrak voor zorgaanbieders en zorgkantoren en geen goede inschatting kon worden gemaakt van de totale uitgaven. Dit heeft in de jaren tot en met 2010 geleid tot kostenoverschrijdingen in de AWBZ, vooral veroorzaakt door hogere uitgaven buiten de contracteerruimte.

Vraag 4) Tevens vragen de leden van de commissie welk effect is opgetreden ten aanzien van de extramuralisering door deze maatregelen en welk effect in 2013 wordt verwacht.

Door deze maatregelen is de uitbreiding van nieuwe capaciteit in de lagere zorgzwaartecategorieën sterk beperkt. In 2013 zal deze uitbreiding in beginsel geheel worden stopgezet gezien de voorgenomen extramuralisering van zorgzwaartepakketten 1 en 2 in 2013.  

Vraag 5) Door de commissieleden wordt gevraagd of met het afschaffen van de contracteerplicht en de uitbreiding van de contracteerruimte de eigen bijdragen in aantal en omvang zijn toegenomen. Ook vragen zij naar de relatie met de vermogensinkomensbijtelling AWBZ en de nieuwe eigen betalingen.

De afschaffing van de contracteerplicht en de uitbreiding van de contracteerruimte betreffen de zorginkoop. Het gaat hierbij om de afspraken tussen zorgaanbieder en zorgkantoor.

De rechten van cliënten en hun daaraan verbonden plicht tot het betalen van een eigen bijdrage zijn geregeld in het verzekeringsrecht. Deze aspecten worden niet beïnvloed door veranderingen in de contracteerplicht of de contracteerruimte. De eigen bijdrage is dan ook niet in aantal of omvang toe- of afgenomen door de genoemde maatregelen.  

Vraag 6) De leden van de commissie vragen voorts waarop het bedrag van 20 miljoen euro voor de contractering van zelfstandige zorgverleners zonder personeel (zzp'ers) gebaseerd is. Ook vragen zij of het niet raadzaam is, dat de regering in verband hiermee versneld werk maakt van de versterking van de arbeidsrechtelijke positie van deze groep en dit beziet in relatie met de wijze waarop deze zorgverleners gecontracteerd worden.

Het bedrag van € 20 miljoen is gebaseerd op de ervaringen in 2012. Wat betreft de positie van zelfstandige zorgverleners wil ik opmerken, dat er een fundament is gelegd om zelfstandige zorgverleners in de zorg te contracteren. Over de verdere verbetering van hun rechtspositie verwijs ik naar het nieuwe regeerakkoord inzake de positie van flexwerkers. Daarbij is verwoord dat flexibele arbeid niet mag verworden tot een goedkoop alternatief voor werk dat beter door vaste werknemers gedaan kan worden. Samen met sociale partners zal dan ook worden gekeken naar verbetering van de wettelijke bescherming voor verschillende vormen van flexibel werken.  

Vraag 7) De leden van de commissie constateren dat de contracteerruimte wordt verlaagd met € 91 mln. in verband met een taakstelling op vervoer. Zij vragen waarom er alleen naar financiële knelpunten wordt gekeken bij de monitoring. Ook vragen zij welke andere consequenties en knelpunten zijn te voorzien. Zij denken daarbij met name aan de effecten op de mogelijkheid om deel te nemen aan zinvolle dag- bestedingsactiviteiten.

Bedoeld is om te monitoren of zich bij zorgaanbieders onvoorziene knelpunten (niet alleen financieel) voordoen als gevolg van de maatregel bij vervoer. De aanspraak op vervoer en de dagbesteding blijft, indien geïndiceerd, onverminderd bestaan. De besparing kan worden gerealiseerd door een meer efficiënte inrichting van het vervoer van en naar dagbesteding.  

Vraag 8) Ten aanzien van de post ‘compensatie overloop uit persoonsgebonden budget’ vragen de commissieleden wat het effect is van de keuze van zorg in natura boven een persoonsgebonden budget voor de keuzevrijheid van de zorgontvangers en voor het begrotingsbeleid van het ministerie.

De zorgvragers kunnen de gewenste zorgaanbieder kiezen voor de levering van zorg voor zover deze is gecontracteerd door het zorgkantoor. Deze aanbieder levert dan de zorg in overleg met de cliënt. De zorgvrager heeft minder keuzevrijheid dan wanneer hij een persoonsgebonden budget zou hebben gehad. Hij kiest niet zelf zijn zorgverlenend personeel, maar krijgt de zorg van een van de zorgaanbieders die door het zorgkantoor in zijn regio zijn gecontracteerd. Voor mensen die minder dan 10 uur begeleiding hebben of geen zorgbehoefte die een combinatie is van de functies Persoonlijke Verzorging, Verpleging en/of Begeleiding, wordt de pgb-mogelijkheid afgesloten.

In technische zin is het gevolg, dat binnen de voor de AWBZ-beschikbare middelen in het budgettair kader zorg (BKZ), middelen verschuiven van het persoonsgebonden budget naar middelen voor extramurale zorg in natura.

Hoogachtend,

de staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport,

drs. M.J. van Rijn

Download het document in pdf: Beantwoorden Kamervragen over contracteerruimte AWBZ 2013

Beantwoorden Kamervragen over contracteerruimte AWBZ 2013

PDF document | 3 pagina's | 130 KB

Kamerstuk: Kamervragen | 13-11-2012 | VWS

Bron: rijksoverheid.nl

====CATALYSE IS NIET BETROKKEN BIJ DE INHOUD VAN DE EXTERNE NIEUWSVERSLAGEN. NEEM CONTACT MET ONS OP OM TE KIJKEN HOE DEZE ONTWIKKELING PAST IN DE TOEKOMST VAN DE ZORG EN DE ZORGFINANCIERING EN HOE ORGANISATIES ZICH DAAROP VOOR KUNNEN BEREIDEN ========

Bel mij terug

Vul uw gegevens in om teruggebeld te worden.